Batterij plaatsen/verwisselen
Voor het gebruik van het meetgereedschap wordt het gebruik van alkali-mangaanbatterijen aanbevolen.
- Open het batterijvakdeksel.
- Plaats de batterijen.
Wanneer het lege batterijsymbool
voor de eerste keer op het display verschijnt, dan is nog maar een gering aantal metingen mogelijk. Wanneer het batterijsymbool leeg is en knippert, dan zijn er geen metingen meer mogelijk.
- Vervang altijd alle batterijen tegelijk. Gebruik alleen batterijen van één fabrikant en met dezelfde capaciteit.
- Let er hierbij op dat de polen juist worden geplaatst volgens de afbeelding op de binnenkant van het batterijvak.
- Haal de batterijen uit het meetgereedschap, wanneer u dit langere tijd niet gebruikt. De batterijen kunnen bij een langere periode van opslag corroderen en zichzelf ontladen.

